ÿþ<!--DOCTYPE HTML PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.0 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/REC-html40/Transitional.dtd"--> <HTML> <HEAD> <LINK type="text/css" rel="stylesheet" href="gvp.css"> <TITLE>Genealogische Vereniging Prometheus - NIEUWE CHRONOLOGIE EN CONCEPT</TITLE> </HEAD> <CENTER> <FONT SIZE=4><B>NIEUWE CHRONOLOGIE EN CONCEPT<BR> <BR> VAN DE OUDE GESCHIEDENIS VAN RUSLAND, ENGELAND EN ROME<BR> <BR> G.V. Nosovskij en A.T. Fomenko</B></FONT><BR> <BR> <FONT SIZE=5><B>HOOFDSTUK 16<BR> <BR> ONZE RECONSTRUCTIE</B></FONT><BR> <BR> <BR> <FONT SIZE=4><B>Uit het Russisch vertaald</B><I><A HREF="#vn1">(1)</A></I><B> door Henk Feikema</B></FONT><BR> </CENTER> <BR> <B>Opmerking vooraf van de vertaler</B><BR> Voor een beter begrip van dit hoofdstuk wordt geadviseerd eerst kennis te nemen van de <A HREF="Lezing HF 27-9-2003.html" target="_blank">lezing</A> over <I>Genealogiebeoefening in het kader van onze kijk op de geschiedenis</I> die op de Nationale Genealogische Dag op 27 september 2003 in Delft is gehouden. In deze lezing is namelijk ingegaan op het onderzoek van beide auteurs aan de universiteit van Moskou waarop deze publicatie is gebaseerd.<BR> Het belangrijkste resultaat van hun onderzoek is dat de historische gebeurtenissen in de periode ca 950 - ca 1550 model hebben gestaan voor de geschiedschrijving over de vroege middeleeuwen en de antieke oudheid. Ook hebben zij aangetoond dat een groot aantal dynastieën kopieën van elkaar zijn. Zo is bijvoorbeeld de dynastie van het Karolingische Rijk (7e  9e eeuw) een duplicaat van die van het derde Romeinse Rijk (4e  6e eeuw).<BR> Voor een uitvoerig verslag van dit onderzoek leze men het boek <I>Fomenko, Anatolij T. (1994): Empirico-Statistical Analysis of Narrative Material and its Applications to Historical Dating (2 delen), Kluwer Academic Publishers, Dordrecht</I>.<BR> <BR> <CENTER> <B>ALGEMEEN OVERZICHT</B><BR> </CENTER> <BR> Alvorens verder te gaan, proberen wij een algemene schets van de reconstructie van de geschiedenis van de 11e - 12e eeuw te geven.<BR> <BR> Tot het einde van de elfde eeuw was Alexandrië in Egypte de hoofdstad van het rijk, dat daarna het Romeinse Rijk werd. In deze zin hebben historici gelijk wanneer zij vaststellen dat Egypte de wieg van de wereldcultuur is.<BR> <BR> In de 10e - 11e eeuw leerde men in dit rijk aanvankelijk koperen en daarna ijzeren wapens maken (hiervoor exploiteerden zij kopermijnen op Cyprus en in het Nabije Oosten, en ijzermijnen op de Balkan). Bovendien hadden zij een methode bedacht voor het vechten op paarden. Uit Byzantijnse bronnen is bekend dat vechten op paarden typisch een Romeinse krijgskunst was. De barbaren konden in tegenstelling tot de Romeinen alleen maar te voet strijden en stapten voor de strijd van hun paard af (zie bijvoorbeeld [2]). Maar ook kustvaarders met speciale loopplanken voor het inschepen van een paardenleger hadden zij uitgevonden (dit is ook door Byzantijnse historici opgetekend). Dit alles gaf aan het Romeinse (wanneer zij zelf noemden: Alexandrië = Het Oude Rome) Rijk een absolute voorsprong in militaire macht op alle buren, welke zich zeer snel begon uit te breiden.<BR> <BR> Het proces van deze expansie is door tijdgenoten van Scaliger in de geschiedenisboeken beschreven als de oprichting van het Romeinse Rijk ten tijde van Sulla, Pompeius, Caesar en Augustus. Het origineel van Sulla is Isaäc I Comnenus, het origineel van Pompeius en Caesar - zijn opvolger keizer Romanus (= Romulus) en diens opvolger Nicephorus (= de overwinnaar). Het origineel van Augustus is keizer Alexius I Comnenus.<BR> <BR> Dit is de tweede helft van de 11e eeuw. De hoofdstad bevindt zich nog steeds in Alexandrië , maar deze zal spoedig naar Constantinopel worden verplaatst. In de door Scaliger opgestelde versie van de historie regeerden al deze keizers al in Constantinopel. Dit kwam doordat de datum van de verplaatsing van de hoofdstad naar Constantinopel ten onrechte in de 4e eeuw was gelegd. Daarom maken alle Romeinse = Byzantijnse keizers vanaf het begin van de 4e eeuw deel uit van het bestuur in de nieuwe hoofdstad, Constantinopel.<BR> <BR> Dit is het antieke Rome, het centrum van de wereldheerschappij. In naam was het gehele Middellandse-Zeegebied daaraan onderworpen. We moeten ons echter realiseren dat vanwege de afstand tot de hoofdstad en de gemêleerde samenstelling van de bevolking velen uit het oude Imperium in die tijd in politiek opzicht onafhankelijk waren. Het is in feite precies zo beschreven in de leerboeken ten tijde van het Byzantijnse imperium van de 10e - 12e eeuw. Militaire steunpunten van het Egyptische-Romeinse gezag in Europa waren de grote zeehavens aan de Middellandse Zee: Venetië (van hem Vena[<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>]), Genua (Chananeja<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>), Marseille (van Marsa<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>), Nice (door historici verward met de Byzantijnse stad Nissa<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>, vergelijk bisschop van Nisski<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>) en Napels (nieuwe stad in het Grieks). In deze periode was kustvaart vanzelfsprekend. <BR> <BR> Voor ons heeft de politieke geboorte van de Europese beschaving, zogezegd de wortels van onze wereldhistorie, in Egypte plaatsgevonden.<BR> <BR> Aan de andere kant, de wortels van de kerkgeschiedenis liggen op de Balkan en in Klein-Azië, de oude regio, waarvan Jeruzalem, de stad van David, het centrum was. Het is waarschijnlijk dat deze stad ook Troje was, en waarschijnlijk ook Amorion, de geboorteplaats van Theophilos = koning David = keizer Romanus in de tweede helft van de 11e eeuw die nog steeds in Alexandrië regeerde. Deze stad werd pas naderhand CONSTANTINOPEL genoemd en tot op heden onder deze naam bekend.<BR> <BR> Deze regio heette Troad<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>, Fraki<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>, Goti<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I> (Chettoer<I> <A HREF="#vn2">(2)</A></I>), het land van Chansk<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I> (het land van Chanaänsk<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>), maar ook JUDEA. Juist daar ontstond de joods-christelijke geloofsleer die zich aan het einde van de 11e eeuw splitste in het christendom en het jodendom. In de moderne geschiedenisboeken wordt het jodenchristendom in de eerste eeuwen na Chr. gedateerd. Deze term is niet door ons verzonnen; bij geschiedschrijvers over religie is hij goed bekend. In de metropool Alexandrië bleven de keizers aan de Helleense (stamt het woord Helleen misschien af van de naam Nijl, de grote rivier in Egypte?) Oudgriekse geloofsleer vasthouden en waren zij uit het oogpunt van de joodchristenen ketters (vergelijk de situatie, beschreven in de Evangeliën).<BR> <BR> Judea onderwierp zich aan Rome  Alexandrië. Voor het gehele imperium wordt in de bijbel de naam Israël gebruikt. En zo is het bijbelse Israël het Romeinse Rijk. Het woord Israël zelf betekent volgens de bijbel vechtend tegen God, precies (!) hetzelfde als het woord Ptolemaeus. Wij herinneren er aan dat de Egyptische koningen Ptolemaeus heetten die in Alexandrië regeerden. Dit is in goede overeenstemming met het feit dat Alexandrië in het begin de hoofdstad van Israël was.<BR> Wij kennen het imperium van de 10e - 12e eeuw tegenwoordig ook onder andere namen, zoals:<BR> <BR> het Oude Babylonische Rijk,<BR> <BR> het Rome van de eerste keizers (beschreven door Titus Livius),<BR> <BR> het Rome van Caesar en Augustus (van de 1e eeuw v. Chr. tot de 1e eeuw na Chr.),<BR> <BR> het Egyptische Rijk van de farao s.<BR> <BR> Onder de keizers-farao s van dit Imperium waren ook de bekende Saul, David, Salomon = Sulla, Pompeius, Julius Caesar = Aurelianus, Diocletianus, Constantius Chlorus. Hun originelen zijn de imperatoren van de tweede helft van de 11e eeuw. In Byzantijnse kronieken weerspiegelen zij Isaäc I Comnenus (oorlogsdictator, de stichter van de dynastie), Romanus (Romulus), Nicephoros (de overwinnaar). Hun lichamen waren in de Egyptische piramiden begraven, op het beroemde veld van de piramiden bij Babylon - Cairo.<BR> <BR> Deze situatie bleef tot het einde van de 11e eeuw na Chr. bestaan. Aan het einde van de 11e eeuw gebeurde datgene wat soms de religieuze explosie wordt genoemd. Zij volgde na gebeurtenissen die in Jeruzalem  Troje (Constantinopel) plaatsvonden, waarvan de meerderheid van de joods-christelijke bevolking van het Imperium getuige was, en wel de kruisiging van Christus in Judea. Over deze gebeurtenissen zijn wij tegenwoordig voornamelijk door de evangeliën geïnformeerd. Men moet echter in het achterhoofd houden dat, hoewel de evangeliën zelfs de oudste documenten voor onze teksten zijn, zij pas in de 13e  14e eeuw na Chr. definitief werden samengesteld en sporen van deze periode dragen. <BR> <BR> In die tijd was de meerderheid van de bevolking van het Imperium blijkbaar al joods-christelijk en dit verschil in geloof tussen de bevolking en het keizerlijke hof stoorde naar alle waarschijnlijkheid de keizers-farao s. Uit de kerkelijke overlevering weten wij van de vervolging van christenen in het antieke Rome, die de imperatoren geen succes bracht, omdat de christenheid zich meer en meer uitbreidde. Na de evangelische gebeurtenissen splitsten de joodchristenen zich in twee groepen: zij die in Christus geloofden en zij die niet in hem geloofden. De gelovigen (christenen) waren duidelijk in de meerderheid, zoals verdere gebeurtenissen vertelden. Later gebruikte men alleen voor deze groep de term christenen. De anderen werden joden genoemd.<BR> <BR> De Romeinse keizer Constantijn de Grote (hij is immers een Egyptische farao) maakte van deze situatie handig gebruik. Hij koos de kant van de christenen en begon een religieuze oorlog die hij de gedaante van een kruistocht gaf. Uiteindelijk leidde de oorlog tot een bezetting van de Balkan en Klein-Azië met keizerlijke troepen. De hoofdstad van het Imperium werd naar Jeruzalem verplaatst, later bekend onder de naam van de keizer, Constantinopel. De verplaatsing van de hoofdstad werd blijkbaar niet alleen bepaald door religieuze, maar ook door strategische overwegingen, omdat Constantinopel gunstiger lag dan Alexandrië, bovendien was dit een verhuizing van de kopermijnen naar de ijzermijnen. Wij moeten in dit verband ook niet vergeten dat de Balkan het vaderland van de keizerlijke dynastie was; de vader van Constantijn de Grote, Constantius Chlorus, kwam, zoals bekend, uit Servië.<BR> <BR> Dit is de eerste kruistocht. Tegenwoordig is hij in hoofdzaak bekend van beschrijvingen van deelnemers aan de legers van de West-Europese kruisvaarders, ofschoon ook Byzantijnse beschrijvingen bewaard zijn gebleven. Kruisvaarders uit West-Europa namen deel aan de verovering van Nicaea en andere steden in Klein-Azië. Zij vochten ook in Syrië. Na de oorlog ontvingen de leiders van de kruisvaarders grondbezittingen in het Imperium, waarover wij na de verplaatsing van de hoofdstad gewoon werden geïnformeerd door de Byzantijnse geschiedenis (ofschoon Byzantium zuiver een afgesproken naam is - door historici verzonnen - , behield het vroegere Romeinse of Roomse Rijk de zelfgekozen naam).<BR> <BR> Dit is dan toch het einde van het Babylonische en het begin van het Griekse Rijk. De hoofdstad verhuisde van Babylon  Cairo (Alexandrië) naar Griekenland, het gebied rondom Constantinopel (H.A. Morozov was van mening dat Griekenland, een Slavisch woord, eenvoudig bergachtig land betekende).<BR> <BR> Deze gebeurtenissen zijn ook in de bijbel beschreven, zelfs enkele keren. Een van zulke beschrijvingen gaat over de Babylonische spraakverwarring, waarover wij reeds spraken. Een andere gaat over de straf van de zonen van de Benjaminieten. Wij herinneren aan de in de stad van Benjamin gepleegde moord, waarvoor alle elf Israëlische stammen zich hadden verzameld en in een gezamenlijke militaire slag de vloer met Benjamin aanveegden en de stam Benjamin vernietigden. Onder de stam Benjamin is hier Judea beschreven met de hoofdstad in het toekomstige Constantinopel, en onder de straf van de Benjaminstam de eerste kruistocht 1096 -1099 na Chr.<BR> <BR> Constantijn de Grote is in de bijbel onder de naam Jerobeam beschreven. Met name wordt in de bijbel een concilie ten tijde van hem vermeld, waarop het nieuwe geloof werd vastgesteld (het christendom als staatsgodsdienst) en een van het joodse geloof afwijkende nieuwe feestdag, maar wel gelijkend op die, die in Judea werd gevierd, het oosterse Pasen. Echter het beeld van Jerobeam is in de bijbel een gelaagd beeld. Behalve dat Constantijn de Grote een duplicaat van Alexius I is, is hij ook een dubbelganger van Theodoris I Laskaris, de eerste Nicaeaanse imperator. Toen de Fransen in 1204 Constantinopel veroverden en daar het Latijns imperium instelden, trokken de Grieken zich in Nicaea terug, waar het Griekse Nicaeaanse imperium ontstond. De splitsing in een Nicaeaans en een Latijns keizerrijk is in de bijbel beschreven als de splitsing van het koninkrijk in Israël en Judea. Daarbij springt de bijbel honderd jaar in de tijd vooruit; het einde van de 11e eeuw gaat direct over in 1204 (een gevolg van de 100-jarige verschuiving in de Byzantijnse tijdrekening, die door de chaos tussen het eerste en tweede origineel van de grote oorlog is ontstaan). Tengevolge van de verwisseling van de gedaanten van Constantijn de Grote - Alexius I en Theodoris Laskaris. Door deze honderdjarige verschuiving wordt Constantijn (Theodoris)  Jerobeam nog eens in de bijbel als Jerobeam II genoemd. In de paragraaf over het tweede origineel van de grote oorlog komen wij hierop terug.<BR> <BR> <CENTER> <B>HET OUDE ROME, BABYLON EN ALEXANDRIE<BR> <BR> <I>Verplaatsing van de hoofdstad van het imperium uit Egypte naar Byzantium</I></B><BR> </CENTER> <BR> <BR> Wij keren terug naar de gedetailleerde bespreking van de gelijkstellingen die voor onze reconstructie cruciaal zijn.<BR> <BR> In deze paragraaf bespreken wij de hypothese over de verplaatsing van de hoofdstad van Alexandrië naar Constantinopel.<BR> <BR> Wij roepen nog even in herinnering terug wat de geschiedenisboeken ons over Alexandrië vertellen. De stad Alexandrië in Egypte was door Alexander de Macedoniër<I><A HREF="#vn3">(3)</A></I> als hoofdstad van zijn Imperium gesticht. Dit duurde echter niet lang. Na de dood van Alexander deelde het Imperium zich en bleef Alexandrië alleen de hoofdstad van Egypte. Niettemin, in Alexandrië heerste de oudste zijtak van de erfgenamen van Alexander, de dynastie van de Ptolemeeën.<BR> <BR> Het Griekse woord Ptolomeus (Ptolemeus) betekent hemelbestormer (zie [23], band 4), d.w.z. exact Israël (zoals volgens de bijbel Israël strijdend tegen God betekent). Dit alleen al brengt ons op de gedachte dat er een verband tussen het Egyptische Rijk en het bijbelse Israël is. Behalve dat Ptolemeus een Grieks woord is, was Egypte echter zelf, zoals bekend, tot de 15e eeuw het centrum van de Griekse cultuur, getuige de massa sporen die tot nu toe bewaard zijn gebleven (Griekse opschriften, Byzantijnse fresco s enz.). Juist in Egypte, ten tijde van de Alexandrijnse koning (farao?) Philadelphius Ptolemeus werd de bijbel van de joodse taal in het Grieks vertaald. Tot de laatste tijd was Egypte een Koptische Griekse beschaving. Van de kunsthistorici weten we dat de Grieks-Byzantijnse kunst (bijvoorbeeld de schilder- en icoonkunst) uit de Oudegyptische is voortgekomen. Bijgevolg was de Griekse cultuur, Byzantium, de erfgenaam van de Egyptische cultuur. Dit is een bekend feit.<BR> <BR> Wij richten ons nu op de geschiedenis van de Oosterse (Byzantijnse) Kerk. Nogmaals een bekend feit: de geschiedenis van het orthodoxe kloosterleven (kluizenaars, kloosters) begon in Egypte, daarna verplaatste het centrum zich naar Syrië, en vervolgens naar Palestina (Palestina betekent, zoals wij reeds zagen, omgeving van Jeruzalem  Constantinopel). De richting van deze verplaatsing valt exact samen met de hiervoor vermelde richting van de culturele invloed.<BR> <BR> Er ontstaat de volgende overeenstemming: Egypte = Israël = Byzantium, bovendien is Egypte het oude Byzantium (zoals wij reeds vertelden, Byzantium en Israël zijn een en hetzelfde). Maar terzelfder tijd is heel goed bekend dat Byzantium de erfgenaam van het Romeinse Rijk was en de Byzantijnse hoofdstad  het Nieuwe Rome  Constantinopel uit het Oude Rome was overgebracht. Was het Oude Rome misschien Alexandrië? En niet zonder reden werd in het middeleeuwse Byzantium  Constantinopel als eerste stad beschouwd, en als tweede het lang geleden verloren Byzantijnse Alexandrië ([2], p. 187, voorbeeld 74). Trouwens, in de bijbel wordt Egypte in het Ivriet Mits-Rimom<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I> genoemd, d.w.z. het arrogante Rome (vertaling van H.A. Morozov). Zijn het arrogante Rome en het Oude Rome misschien hetzelfde? Is dit een bevestiging van deze hypothese?<BR> <BR> We kijken naar de dateringen. De dynastie van de Ptolemeeën in Egypte is door Scaliger van de 4e eeuw voor Chr. tot de 1e eeuw na Chr. gedateerd: van de dood van Alexander de Macedoniër tot de verovering van Egypte door Julius Caesar. Volgens de voornaamste verschuiving van de statistische chronologie<I><A HREF="#vn4">(4)</A></I>  1050 jaar omhoog  valt deze periode ongeveer tussen 700 en 1050 na Chr., d.w.z. direct voor de gebeurtenissen aan het einde van de 11e eeuw die wij hiervoor bespraken (het tijdperk van Christus, de verplaatsing van de hoofdstad, de eerste kruistocht). Maar het begin van deze periode (ongeveer 700 na Chr.) valt precies in de tijd van de donkere eeuwen van de Byzantijnse geschiedenis toen de Byzantijnse beschaving plotseling naar een primitief niveau afdaalde om daarna in de 9e  12e eeuw weer op te stijgen.<BR> <BR> Alzo formuleren wij onze hypothese.<BR> <DL><DT> <DD><OL type=1> <LI>Het Byzantijnse Rijk was tot de verplaatsing van de hoofdstad naar Constantinopel tijdens Constantijn de Grote = Alexius I Comnenus aan het eind van de 11e eeuw Egypte uit de tijd van de Ptolemeeën, alias het bijbelse Israël van de eerste drie koningen (Saul, David en Salomo). <LI>Alexandrië in Egypte was voor Constantinopel (bekend als het Oude Rome, maar tegenwoordig ten onrechte gelijkgesteld aan de huidige stad Rome in Italië) de hoofdstad van het Rijk De eerste Byzantijnse keizers zijn Egyptische farao s (het woord farao is eenvoudig het Griekse woord tiran, bestuurder). </OL></DL> Deze hypothese wordt door de waarnemingen bevestigd. Elke afzonderlijke waarneming bewijst natuurlijk niets en is misschien een zuivere toevalligheid. Echter alle waarnemingen gezamenlijk laten wel een voldoende duidelijk beeld zien.<BR> <BR> <CENTER> <B><I>Jerobeam = Constantijn = Alexius Comnenus</I></B><BR> </CENTER> <BR> Volgens de bijbel komt Jerobeam I, die de nieuwe hoofdstad van Israël op een nieuwe plaats -in Sichem - heeft gesticht en een dubbelganger van Constantijn de Grote  Alexius I Comnenus blijkt te zijn, uit Egypte (zie de bijbelboeken Koningen).<BR> <BR> <CENTER> <B><I>Alexandrijnse patriarch</I></B><BR> </CENTER> <BR> De Alexandrijnse patriarch werd in de Middeleeuwen en tegenwoordig nog steeds  paus genoemd ([29, band 3, p.237]). Daarom kon de uitdrukking paus van het Oude Rome die men vaak in middeleeuwse teksten tegenkomt, alleen maar op de Alexandrijnse patriarch betrekking hebben en niet op de Roomse bisschop in Italië. In dit geval is het Oude Rome de naam van Alexandrië. Het is vreemd, maar de dubbelzinnigheid van de term paus in de middeleeuwse bronnen is tegenwoordig niet eens een onderwerp van studie bij historici, ondanks het feit dat deze dubbelzinnigheid voor de hand ligt.<BR> <BR> <CENTER> <I><B>Het Concilie van Nicaea</B><A HREF="#vn5">(5)</A></I><BR> </CENTER> <BR> Zoals bekend, riep keizer Constantijn de Grote spoedig na de verplaatsing van de hoofdstad uit Rome naar Constantinopel een kerkelijk concilie (het Concilie van Nicaea) bijeen. Op dit concilie was de Alexandrijnse patriarch voorzitter. Dit is vreemd als de hoofdstad van het imperium uit Italië was verplaatst. Wat had Alexandrië er toen mee te maken en waarom was de Alexandrijnse patriarch en niet de Roomse paus voorzitter van zo n belangrijk concilie? Immers het doel van het concilie was niet meer en niet minder dan de instelling van een nieuw geloof in het imperium, maar de Roomse paus die zelfs niet op het concilie aanwezig was, zoals wordt beschouwd, had slechts zijn vertegenwoordigers gestuurd. Wij zien hierin duidelijk een aanwijzing dat in de tijd van het Concilie van Nicaea ten tijde van Constantijn de Grote de Alexandrijnse patriarch als de eerste onder de anderen werd beschouwd. In Russische bronnen is te lezen dat de Alexandrijnse patriarch-paus in de 16e eeuw al de tweede plaats na de universele patriarch van Constantinopel innam (omdat in die tijd Constantinopel reeds geruime tijd de hoofdstad was) [7]. Dit is een geheel natuurlijk beeld in de veronderstelling dat Alexandrië voor Constantinopel de hoofdstad was en dat de Alexandrijnse patriarch op het Concilie van Nicaea door in de war geraakte historici als de Romeinse paus werd beschouwd.<BR> <BR> <CENTER> <B>Waren de Stad van Constantijn<I><A HREF="#vn6">(6)</A></I> en Constantinopel vroeger dezelfde steden?</B><BR> <BR> </CENTER> Sommige middeleeuwse teksten maken verschil tussen de begrippen Stad van Constantijn, Byzantium, Constantinopel. Ogenschijnlijk was er een tijd dat de Stad van Constantijn niet Constantinopel werd genoemd, maar een ander stad was. Stad van Constantijn betekent eenvoudig stad van de keizer, hoofdstad. De splitsing in Stad van Constantijn en Byzantium, Constantinopel brengt je op de gedachte dat de hoofdstad van Byzantium zich verplaatste voordat deze zijn intrek in Constantinopel nam. We merken ook op dat sommige Byzantijnse kronieken óf de naam Constantinopel in het algemeen niet voor de hoofdstad van het imperium gebruiken óf hem uiterst zelden gebruiken. Blijkbaar is de naam Constantinopel van latere datum.<BR> <BR> <CENTER> <B>Alexandrië als centrum van de Griekse wetenschappen</B><BR> <BR> </CENTER> Het is bekend dat het centrum van de Byzantijnse wetenschap zich in de Middeleeuwen in Alexandrië bevond. Bijvoorbeeld Claudius Ptolemeus, auteur van de Griekse Almagest<I><A HREF="#vn7">(7)</A></I>, is een Alexandrijn. Alexandrië wordt regelmatig in de Almagest genoemd en zelfs de naam Ptolemeus verwijst naar Alexandrië, waar de dynastie van de Ptolemeeën regeerde. Nog een voorbeeld is de Oosterse Paschalija<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I> (regels voor de berekening van Pasen die in dezelfde tabellen van maangestalten en kalendarische tabellen e.a.zijn opgenomen) die in Byzantium werd gebruikt, was, zoals bekend, in Alexandrië uitgedacht. Gewoonlijk is zij ook bekend als de Alexandrijnse Paschalija. De grootste bibliotheek van de oudheid bevond zich in Alexandrië. Dit is de beroemde Alexandrijnse bibliotheek, die als onherroepelijk verloren wordt beschouwd (afgebrand), maar volgens onze reconstructie nog steeds in de vorm van geweldige stenen boeken (hiëroglyfen op Oudegyptische stenen tempels) bestaat.<BR> <BR> In Egypte bevonden zich tenminste twee van de acht beroemde middeleeuwse wereldwonderen: de Egyptische piramiden en Faros. Als we rekening houden met het feit dat Cairo in de Middeleeuwen Babylon werd genoemd, dan moeten we er nog een toevoegen  de hangende tuinen van Babylon. In Alexandrië bevond zich de voornaamste school van de antieke filosofie, de school van Aristoteles<BR> <BR> Ondanks dit vinden wij tegenwoordig noch vermeldingen over wereldse noch over kerkelijke gebeurtenissen die in Alexandrië zouden hebben plaatsgevonden. Zijn de kerkelijke concilies die in de Stad van Constantijn zijn gehouden (in tegenstelling tot de concilies in Constantinopel maakt de kerkelijke overlevering wel een onderscheid in deze termen), misschien Alexandrijnse concilies? En zijn de gebeurtenissen die in de Stad van Constantijn hebben plaatsgevonden Alexandrijnse gebeurtenissen? En zijn de Byzantijnse kronieken voor de tijd van Constantijn de Grote  Alexius I Comnenus Alexandrijnse kronieken?<BR> <BR> <CENTER> <B>De Byzantijnse kunst kwam voort uit de Egyptische kunst</B><BR> </CENTER> <BR> Het is bekend dat Byzantijnse iconen in dezelfde techniek zijn uitgevoerd als de laategyptische uit El Fajoem afkomstige portretten. Op deze wijze kwam de Byzantijnse beeldende kunst voort uit de Egyptische.<BR> <BR> <CENTER> <B>Alexandrië als de natuurlijke hoofdstad</B><BR> </CENTER> <BR> Volgens zijn geografische ligging kon Alexandrië werkelijk de hoofdstad van het oude Imperium zijn (overigens in tegenstelling tot Rome in Italië). Alexandrië kon door zijn grote zeehaven in de periode van de kustvaart een goed contact met de gehele Middellandse- Zeekust hebben. Alexandrië ligt in het vruchtbare dal van de Nijl. De Alexandrijnen hadden gemakkelijk toegang tot de rijke kopermijnen, en het is heel goed mogelijk dat het gebruik van koper in Alexandrië was uitgevonden en het begin van de koperperiode van onze beschaving inluidde.<BR> In dit verband herinneren wij aan de  Koperen Zee <I><A HREF="#vn8">(8)</A></I> van koning David. Blijkbaar was dit een of ander massief koperen voorwerp, een verbazende fantasie van tijdgenoten. Een Russische kroniekschrijver uit de 16e eeuw is van mening dat het zijn schaal was voor het wassen van priesters:  de zee is van koper, ongeveer 10 el<I><A HREF="#vn9">(9)</A></I> van de ene naar de andere kant, 5 el in de hoogte en aan de onderkant dienen 12 ossen onder de zee als steunen ... waarin zij namelijk priesters wassen ([34], p. 126). Trouwens ook sommige Byzantijnse kronieken berichten over een zekere  zee van een imperator , duidelijk niet begrijpend wat zoiets was ([27], p. 12).<BR> <BR> <CENTER> <B>Wat weet de Russische kerkelijke traditie van het Oude Rome?</B><BR> </CENTER> <BR> Ook uit de Russische traditie is het mogelijk iets over het Oude Rome aan de weet te komen. Wij richten ons op de liturgische boeken van de Russische kerk van de 16e  17e eeuw, het meest stabiele deel van de kerkelijke traditie (wat wij ons herinneren is dat de verandering van deze boeken in de 17e eeuw een kerkelijk schisma tot gevolg had).<BR> <BR> We besteden aandacht aan  de grote litanie , de opsomming van bijzondere heiligen die in ere wordt gehouden en hardop in de kerk wordt voorgelezen. Volgens de boeken die in Moskou in het begin van de 17e eeuw werden gedrukt, volgt in de grote litanie na Johannes de Doper, de vader van de Heilige Maagd, Nicolaas van Myra  Likijckij (Nicolaas de Wonderdoener) en de universele leraren Basilius de Grote, Gregorius de Godgeleerde en Johannes de Begenadigde Spreker de opsomming van heiligen, aartsbisschoppen en patriarchen van de Oosterse Kerk. Deze opsomming begint met de Alexandrijnse patriarchen Afanasi en Cyrillus, en gaat daarna onmiddellijk over naar de metropolieten van Kiev en alle Russische metropolieten van de 13e  16e eeuw die, zoals wordt beschouwd, in die tijd al in Moskou verbleven.<BR> <BR> Een dergelijke opeenvolging van aartsbisschoppen wekt de indruk dat volgens de samenstellers van de grote litanie Rusland werd gekerstend toen Alexandrië de hoofdstad van de orthodoxe wereld was. Hoe dan ook, het verdient vermelding dat in de grote litanie geen enkele keer Constantinopel wordt genoemd. Ondertussen wordt juist Constantinopel tot het midden van de 15e eeuw als de metropool van de Russische Kerk beschouwd (dit is onjuist, pas na een verklaring van de Florentijnse Unie in 1439 werd de Russische Kerk onafhankelijk). Maar waarom liet deze rechte lijn van eeuwenoude kerkelijke afhankelijkheid van Constantinopel in de litanie geen sporen achter?<BR> <BR> Dit alles is in het kader van onze hypothese gemakkelijk te verklaren. De kerstening van Rusland (volgens de traditionele datering vond deze aan het einde van de 10e eeuw plaats, maar men moet rekening houden met een honderdjarige verschuiving in de Byzantijnse tijdrekening die de kerstening van Rusland naar de 11e eeuw verplaatst) gebeurde nog steeds voor of precies in de periode dat de hoofdstad naar Constantinopel was verplaatst. In die tijd was Alexandrië nog steeds de hoofdstad van het Romeinse Rijk. Het is mogelijk dat Alexandrië voor de Russen toen en ook later de kerkelijke metropool bleef, maar Constantionopel kan ook onder zijn oude naam Jeruzalem zijn vermeld. Na 1204 had de Russisch kerk blijkbaar in hoofdzaak met Alexandrië contact.<BR> <BR> <CENTER> <B>Waarom de kruisvaarders van de 13e  14e eeuw Egypte trachten te veroveren, en de kruisvaarders van de 11e eeuw zelfs niet hierover nadachten?</B><BR> </CENTER> <BR> Er is een zekere raadselachtige eigenaardigheid in de geschiedenis van de kruistochten. Het is bekend dat aan de ene kant de kruisvaarders van de 13e  14e eeuw door de wens bezeten waren om juist Egypte en Alexandrië in bezit te nemen (later was dit niet zo, toen voerden zij oorlog tegen de Turken). De Franse koning Lodewijk de Heilige, bijvoorbeeld, rekende dit tot zijn voornaamste taak en ondernam enkele slopende tochten naar Egypte. In het algemeen wekt de Europese politiek van die tijd een vreemde indruk; de Europese heersers dachten in hoofdzaak aan Egypte, en niet aan hun eigen Europa. Lag Egypte hen misschien meer na aan het hart?<BR> <BR> En aan de andere kant deden de kruisvaarders van de Eerste kruistocht geen enkele moeite om naar Alexandrië te gaan. Nog sterker, zij verbleven in de vreemde, alsof zij een geheim verbond met de Egyptische sultans hadden. Waarom werden zij dan binnen honderd jaar door Egypte en Alexandrië aangetrokken en, laten we zeggen, niet Syrië, waar (volgens de mening van de historici) Jeruzalem lag dat naar het schijnt het hoofddoel van de kruisvaarders was?<BR> <BR> Maar als Alexandrië in de 11e eeuw de hoofdstad van het Romeinse Rijk was, dan valt alles op zijn plaats. Het is volkomen begrijpelijk dat de kruisvaarders van de Eerste kruistocht er zelfs niet aan dachten Alexandrië, de hoofdstad van keizer-farao Constantijn de Grote, aan wie zij zich onderwierpen, aan te vallen. Maar daarna werden pogingen gedaan Egypte van het Nieuwe Rome af te scheiden, en later in 1204, toen de kruisvaarders van de vierde tocht het Nieuwe Rome  Constantinopel veroverden, werd het natuurlijke streven van de daaropvolgende kruisvaarders ook de verovering van de oude hoofdstad, het Oude Rome (Alexandrië). Toen wisten zij nog precies waar dat lag. Sinds die tijd gingen de kruisvaarders onveranderlijk op weg naar Egypte, totdat zij de oorlogen tegen Turkije begonnen en alle krachten van West-Europa voor hen werden gebruikt. Het schijnt dat al in de 15e  17e eeuw aan de oorlogen tegen Turkije de uiterlijke schijn van kruistochten werd verleend als zouden de kruisvaarders van begin af aan tegen de islamieten hebben gestreden (hoewel de islam feitelijk als afzonderlijke religie in de 11e eeuw nog steeds niet bestond, maar de geschiedenis van de kruistochten van de 13e eeuw laat zien dat Europese christenen samen met Aziatische moslims streden; blijkbaar was er toen nog steeds geen duidelijke verdeling in christenen en moslims en waren de kruistochten doodeenvoudig binnenlandse oorlogen in een uiteenvallend imperium, oorlogen om het bezit van een oude hoofdstad).<BR> <BR> <CENTER> <B>Sommige auteurs van de 17e eeuw denken dat Alexander de Macedoniër<BR> en Ptolemeus = Israël in de piramiden van Egypte werden begraven.</B><BR> </CENTER> <BR> Wij citeren een interessante getuigenis van een kroniekschrijver uit 1680 [6]. Zie hier wat hij over keizer Octavianus Augustus heeft opgeschreven: (<I>er volgt een korte Oudrussische tekst</I> [6, blad 101]). (vertaling: Toen Augustus in Egypte kwam toonden ze hem daar de lichamen van Alexander de Grote en Ptolemeus, die een lange tijd in graftomben waren bewaard). Dus dachten sommige mensen in de 17e eeuw (en volgens ons hebben ze gelijk) nog steeds dat in de Egyptische piramiden niet de fabelachtige voorhistorische farao s zijn begraven, maar de grondleggers van het Griekse Rijk Alexander de Macedoniër en Ptolemeus (Israël = Hemelbestormer). Apropos, zowel Alexander als Ptolemeus waren Grieken, en het woord farao zelf is het Griekse woord tiran, bestuurder (wegens de tweeledige interpretatie van de Griekse letter &#920; (Theta)  als ¦ en als T  worden de klanken ¦ en T bij de interpretatie van woorden van Griekse herkomst vaak door elkaar gehaald).<BR> <BR> <CENTER> <B>FAROS ALS EEN VAN DE WERELDWONDEREN</B><BR> </CENTER> <BR> In middeleeuwse teksten wordt vaak het beroemde Faros (Fara) vermeld, een van de wereldwonderen. Tegenwoordig weten historici niet meer precies wat dit was. Nu eens wordt het als een heiligdom (tempel), dan als een vuurtoren (blijkbaar duidelijk iets met een gedaante van een tempel, zoals zij Faros soms een tempel voor de menselijke zielen noemen [2]), en dan weer als een paleis of een gedeelte van een paleis in Constantinopel (Stad van Constantijn) beschouwd. Zij plaatsen het nu eens in Alexandrië (vuurtoren, landtong met vuurtoren) en dan weer in Constantinopel (paleis, tempel). Dit wijst op een verwarring tussen Alexandrië en Constantinopel.<BR> <BR> In verband hiermee geven wij hier enige informatie over de sensationele opgravingen<I><A HREF="#vn10">(10)</A></I> tussen 1961 en 1965 in het plaatsje FARAS<I><A HREF="#vn11">(11)</A></I> in Soedan (in het midden van het stroomgebied van de Nijl). Daar werden een christelijke kathedraal in een typische Byzantijnse stijl en enkele kleinere kerken in de buurt van de kathedraal opgegraven [9,10]. Ontdekt werden een groot aantal fresco s met Byzantijns schrift. De opschriften op de wandschilderingen bevatten data over de Byzantijnse periode en hebben op de 9e  12e eeuw betrekking.<BR> <BR> Onder de in Faras gevonden fresco s is een afbeelding van bisschop Gregorius met een duidelijk vermelde datering: 1062  1097 (omgerekend van de Byzantijnse jaartelling naar A.D.). Maar wij weten dat juist in deze tijd de beroemde Gregorius VII de Heilige Stoel in Rome bekleedde. Het is niet uitgesloten dat bisschop Gregorius die in Faras werd afgebeeld, en paus Gregorius VII een en dezelfde persoon zijn. Dit komt goed overeen met de hypothese dat Alexandrië = het Oude Rome, dus de afbeelding van de Alexandrijnse bisschop van de 11e eeuw is de afbeelding van de Roomse paus.<BR> <BR> Op precies die plaats waar het fresco met de afbeelding van bisschop Gregorius is gevonden, is een afbeelding van Johannes de Begenadigde Spreker ontdekt. Hoewel een inscriptie ontbreekt, is hij gemakkelijk te herkennen aan de hand van voorbeelden van de Byzantijnse iconenkunst waarop het gezicht van de Begenadigde Spreker zeer karakteristiek is afgebeeld. Aan de andere kant is de Begenadigde Spreker een van de drie heiligen die zeer vaak samen worden afgebeeld: Basilius de Grote, Gregorius de Theoloog en Johannes de Begenadigde Spreker. Zij worden als tijdgenoten beschouwd. Hun tijdgenoot was ook een jongere broer van Basilius de Grote, de heilige Gregorius, bisschop van Nisski<I><A HREF="#vn2">(2)</A></I>. Wij merkten eerder op dat Nissa blijkbaar Nice in Zuid-Frankrijk is, ongeveer 180 km van Avignon (tot 1370 bevond zich daar de Heilige Stoel). Nice, een grote zeehaven aan de Middellandse Zee, kan in de periode van de kustvaart zelfs heel goed een pijler van de Romeinse (Egyptische  Byzantijnse) invloed in West-Europa zijn, d.w.z. het Franse Rome. Tussen de biografieën van Gregorius van Nisski en paus Gregorius VII zijn bepaalde parallellen (wij zullen hier later over spreken). Dit verplaatst alle vier heiligen  Basilius de Grote, Gregorius de Theoloog, Johannes de Begenadigde Spreker en Gregorius van Nisski naar het einde van de 11e eeuw, de periode van Gregorius VII. Het wordt ook duidelijk dat juist zij op de fresco s in Faras zijn afgebeeld, waarmee de correcte datering van de fresco s is vastgesteld.<BR> Nadat een aantal zaken met elkaar zijn vergeleken en is vastgesteld dat het wereldwonder de tempel in Faros zich ergens in de directe bereikbaarheid van de Stad van Constantijn bevond, komen wij weer op de gedachte dat Alexandrië in de 11e eeuw nog steeds de hoofdstad van het Romeinse Rijk was.<BR> <BR> <B>Literatuur*</B> <BR> [1] Fomenko, Anatolij T. (1994):  Empirico-Statistical Analysis of Narrative Material and its Applications to Historical Dating (2 delen), Kluwer Academic Publishers, Dordrecht.<BR> <BR> [2] Diakon, Lev (1988):  Geschiedenis , Naoeka, Moskou.<BR> <BR> [6]  Kroniek van het jaar 1680 (uit privé-verzameling).<BR> <BR> [7] Kartasjev, A.V (1959):  Schetsen van de geschiedenis van de Russische kerk , Ymca-Press, Parijs (heruitgave (1991), Naoeka, Moskou).<BR> <BR> [9] Michalowski, K.:  Polish Excavations at Faras 1962/1963 , Kush. Journal of the Sudan Antiquites Services, Khartonum, vol. 12, 1964, pp. 195-207; vol. 13, 1965, pp. 177-189.<BR> <BR> [10] Michalowski, K.:  Faras. Fouilees Polonaises, 1961 , Warszawa, 1962; 1961/62, Warszawa, 1965.<BR> <BR> [23] Morozov, H.A (1928).:  Christus , band 4, M-L, Gosizdat.<BR> <BR> [27] De voortzetter Feofana (1992):  Levensbeschrijvingen van Byzantijnse keizers , Naoeka, Spb.<BR> <BR> [29] Bolotov, V.V. (1907):  Verhandelingen over de oude kerkgeschiedenis , banden 1-4, Spb. (heruitgave (1994), Moskou, Kerkhistorische bibliotheek, uitgave Spaso-Preobra~enskogo Valaamskogo Monastyrja).<BR> <BR> [34] Kroniek van het jaar 1512,  Volledige verzameling van de Russische kronieken , band 22, Spb., 1911.<BR> <BR> <FONT SIZE=3>* Hier zijn alleen de publicaties vermeld die op dit hoofdstuk betrekking hebben. De volledige literatuurlijst bevindt zich in deel 3 van het Russische boek. Deze bestaat hoofdzakelijk uit Russische werken. De desbetreffende titels zijn voor zover mogelijk in het Nederlands vertaald, maar men bedenke dat het om Russische teksten gaat.<BR> </FONT> <BR> <HR> <FONT SIZE=4><B>Noten van de vertaler</B></FONT><BR> <BR> <FONT SIZE=3> <I><A NAME="vn1">(1)</A></I> Om de bedoelingen en de schrijftrant van de auteurs zo goed mogelijk tot uiting te laten komen is geprobeerd de Russische tekst zo letterlijk mogelijk te vertalen. Dit impliceert dat de vertaler zich geen vrijheden heeft veroorloofd om daar heel fraai Nederlands van te maken, zoals nogal eens het geval is bij vertalingen van literaire werken.<BR> <I><A NAME="vn2">(2)</A></I> Deze naam is een transcriptie van de Russische naam.<BR> <I><A NAME="vn3">(3)</A></I> Ook wel bekend als Alexander de Grote.<BR> <I><A NAME="vn4">(4)</A></I> Een Engelse vertaling van dit boek is in 1994 door Kluwer te Dordrecht uitgegeven [1].<BR> <I><A NAME="vn5">(5)</A></I> Dit concilie vond volgens de traditionele chronologie in 325 na Chr. plaats.<BR> <I><A NAME="vn6">(6)</A></I> Het Russische woord tsargrad is hier vertaald als Stad van Constantijn. Tsargrad betekent eigenlijk stad van de keizer of stad van de koning.<BR> <I><A NAME="vn7">(7)</A></I> De Almagest is een volledig handboek van de Griekse astronomie in de tijd van haar grootste ontwikkeling. Volgens de overlevering is dit werk samengesteld door de Alexandrijnse astronoom Claudius Ptolemeus (2e eeuw na Chr.). In dit verband is het interessant om ook kennis te nemen van het in 1972 verschenen artikel van de Amerikaanse astronoom R.R. Newton (Astronomical Evidence concerning Non-Gravitational Forces in the Earth-Moon System, Astrophysics and Space Science 16 (1972) 179-200) en het commentaar van A.T. Fomenko hierop (The Jump of the Second Derivative of the Moon s Elongation, Celestial Mechanics 25 (1981) 33-40). Beide artikelen zijn te vinden op de website <A HREF="http://hbar.phys.msu.ru/gorm" target="_blank">http://hbar.phys.msu.ru/gorm</A>.<BR> <I><A NAME="vn8">(8)</A></I> Zie in dit verband ook de bijbelboeken 2 Koningen 16:17 en 2 Kronieken 4:2-6.<BR> <I><A NAME="vn9">(9)</A></I> In de originele tekst staat het Oudrussische woord lakot. Het moderne woord is lokot , wat el betekent. Een el is ongeveer 50 cm. Een lokot is echter ongeveer 70 cm.<BR> <I><A NAME="vn10">(10)</A></I> Deze opgravingen vonden plaats onder leiding van de Poolse hoogleraar Kazimierz Michalowski onder auspiciën van UNESCO. Meer informatie is te vinden in zijn artikelen [9] en [10].<BR> <I><A NAME="vn11">(11)</A></I> Faras ligt ongeveer 30 km ten zuiden van de Egyptische plaats Abu Simbel.<BR> </FONT> <BR> <FONT SIZE=4> <I>(versie november 2003)<BR> <BR> Nederlandse vertaling©Henk Feikema, Reeuwijk, 2003<BR> <BR> <BR> </FONT> <ADDRESS><HR><P>Genealogische Vereniging Prometheus / TUDelft / E-mail: <A HREF="mailto:webmaster@prometheus-delft.org">webmaster@prometheus-delft.org</A> <BR>Laatst gewijzigd 22 november 2003</P></ADDRESS> </BODY></HTML>